ASAC

asac.alpenclub.nl » Klimmen

Klimmen!! (van Wiki gekopieerd)


betekent omhoog gaan. Het is een fysieke activiteit die kan worden uitgevoerd op hellingen zoals bij heuvels, bergen of de trappen in een gebouw. Men kan ook in een paal of een boom klimmen, of langs de muur van een gebouw.

Bergsport en klimsport zijn niet geheel synonieme begrippen. Onder klimsport in engere zin wordt doorgaans die discipline binnen de bergsport in ruimere zin bedoeld, waarbij ook de armen en handen worden gebruikt en waarbij vooral ook de kracht in handen en vingers van belang is en welke uit veiligheidsoogpunt niet zonder training of voorbereiding kan worden beoefend.

Dit ter onderscheiding van het bergwandelen, waarbij doorgaans niet de armen en handen worden gebruikt en dat, afgezien van de vereiste lichamelijke conditie en de juiste uitrusting (met name het schoeisel), door de meeste mensen kan worden beoefend. Het bergwandelen wordt evenals het toerskieën tot de bergsport in ruimere zin gerekend, terwijl met klimsport meestal wordt gedoeld op de steile tot verticale (en in extreme gevallen soms overhangende) bestijgingen.

Algemeen


Klimmen zoals bedoeld in dit artikel wordt meestal gedaan als sport of recreatie. De nadruk ligt daarbij meer op klimbalans en klimlenigheid dan op brute kracht. Klimmen gebeurt in de open lucht in klimgebieden op rotsen, in bergen en soms op ijs. Het wordt ook op artificiële klimmuren beoefend in bijvoorbeeld klimhallen.

Alhoewel klimmen dikwijls als een risicosport wordt gezien, hoeft er geen onnodig gevaar te zijn. Klimongevallen komen zelden voor bij het klimmen in klimzalen, bij het alpinisme is dat daarentegen vrij hoog.

Korte beklimmingen worden meestal beveiligd met een klimtouw door een zekering boven aan de route te halen. Deze manier van klimmen heet topropen. Dit gebeurt in tweetallen: de zekeraar op de grond trekt het touw strak voor de klimmer. In klimhallen in Nederland is deze methode zeer gebruikelijk.

In landen als Zwitserland en Oostenrijk kun je in klimhallen alleen voorklimmen. Dit houdt in dat er boven geen haak met een touw erin is. Je moet het touw zelf meenemen om gezekerd te zijn. Om de paar meter maak je je touw vast aan een haak in de rots. Als je valt, val je dus tot onder het vorige punt waar je touw was vastgemaakt. Ook hier ben je in paren. Één persoon is de klimmer, de ander de zekeraar. De klimmer klimt omhoog en plaatst de beveiligingen en leidt zijn klimtouw door deze beveiligingen. De zekeraar, die achterblijft, geeft touw uit en blokkeert het touw als de klimmer zou vallen.

Bij hele lange routes klim je om en om voor. Als de eerste voorklimmer bovenaan is en stand gemaakt heeft, wisselen de klimmer en de zekeraar van rol. De tweede klimmer klimt nu naar boven en verwijdert alle beveiligingen die onderweg door de eerste klimmer aangebracht zijn. De eerste klimmer fungeert nu als zekeraar. Men kan ook door middel van een dubbeltouw of tweelingtouw twee naklimmers zekeren.

Bijna alle klimmers volgen bekende klimroutes die zijn beschreven in klimgidsen, ook topo (afgeleid van topografie) genoemd. De meest ervaren en ondernemende klimmers zullen proberen nieuwe routes te openen en ze als eerste te klimmen.

Klimcategorieën naar type terrein


Een voorbeeld van Top-Rope klimmen (laag risico)

  • Alpinisme is het beklimmen van bergen en kan bergwandelen, rotsklimmen en ijsklimmen omvatten.
  • Boulderen is verticale of horizontale beweging over boulders, lagere rotsen waardoor meestal zonder touw kan worden geklommen.
  • Builderen (vgl. bouldering) is het beklimmen van de buitenkant van gebouwen. Dit is meestal verboden.
  • IJsklimmen is het klimmen op ijs. Dit is mogelijk bij bevroren watervallen (ijsval).
  • Dry-toolen is een variant van ijsklimmen waarbij, met ijsklimmateriaal, uitsluitend in rots geklommen wordt.
  • Mixed-terrain klimmen doet men wanneer de aard van de route het noodzakelijk maakt dat ijsklimmen en dry-toolen om beurten gebruikt worden om de route te voltooien.
  • Indoor klimmen is verticale of horizontale beweging over artificieel geconstrueerde muren en grepen. Routes hebben een gevarieerde moeilijkheidsgraad en worden meestal aangeduid door middel van grepen van verschillende kleuren.
  • Rotsklimmen is verticale of horizontale beweging over steil, rotsachtig terrein.
  • een specialisatie uit het rotsklimmen/alpinisme ontstaan is het sportklimmen/vrij klimmen. Hierbij wordt op rots geklommen maar daarbij is opgelegd dat een route (een logische lijn naar boven over de rots) als geklommen geldt, als men niet alleen boven komt, maar dit ook zonder hulpmiddelen tot voortbeweging is gebeurd. Dus alleen op handen en voeten op de rots. Belangrijk is ook te beseffen dat er wel degelijk zekerheid wordt ingebouwd door touw en tussenzekeringen in de rots om een eventuele val op te vangen. Wordt sportklimmen beoefend zonder zekering, dan spreekt men van free-solo of solo-klimmen.

Je kunt een route in verschillende stijlen beklimmen. De meest pure vorm is een route “on-sight” beklimmen, waarbij je deze route nog nooit hebt geprobeerd, of zelfs nog nooit hebt gezien of iemand deze hebt zien beklimmen. Er is dan pas sprake van een geslaagde “on-sight” beklimming wanneer je zonder te vallen in één keer boven komt.

Een route “rotpunkt” beklimmen geeft aan dat er al een eerdere poging aan vooraf is gegaan. Nu beklim je hem echter ook zonder te vallen of te rusten in één keer naar boven.

“All-free” geeft aan dat je met vallen en rusten een route hebt beklommen. Alle bewegingen heb je echter gedaan zonder gebruik te maken van haken of ander technische hulpmiddelen. Het geeft aan dat je in staat mag worden geacht de route geheel zonder rusten te kunnen beklimmen, alle afzonderlijke bewegingen moeten nu echter nog aan elkaar geplakt worden.

Bij “yo-yo-en” beklim je ook een route met vallen en opstaan. Nu keer je echter steeds terug naar het begin van de route en begin je opnieuw. Het touw blijft wel in de ingehangen zekeringen hangen.

De laatste methode is het “naklimmen” van een route. Je wordt hierbij gezekerd door middel van een touw dat van bovenaf neerhangt. Dit touw hangt altijd strak, het valrisico is zeer laag. Soms spreekt men van “top-rope” klimmen, waarbij de klimmer van op de grond wordt gezekerd. Dit laatste is een veel gebruikte methode om beginners een eerste kennismaking met de rotsen te laten ervaren, de handelingen komen sterk overeen met de meeste die in een klimhal worden uitgevoerd.

Klimcategorieën naar de manier van voortbewegen


Klimmen op artificiële wanden

Er worden meestal zes manieren onderscheiden.

  • Artificieel klimmen: alles is geoorloofd om jezelf en je materiaal de wand op te krijgen. Je kunt materiaal in spleten stoppen en eraan trekken of erop gaan staan om jezelf omhoog te werken. Het is in bepaalde gevallen de enige manier om een rotswand te beklimmen. Een speciale vorm hiervan is de direttissima, waarbij een route zo strikt mogelijk in een rechte lijn omhoog wordt afgelegd.
  • Vrij klimmen: het is bij deze vorm van klimmen alleen geoorloofd om je eigen lichaam te gebruiken om een rots te beklimmen. Materiaal zoals touwen en zekeringen zijn er alleen voor om de klim te beveiligen en mogen niet gebruikt worden om omhoog te komen.
  • Scrambling: klimmen zonder een zekeraar nodig te hebben.
  • Boulder hopping: Van steen tot steen springen, af en toe gebruikmakend van de handen.
  • Hiking: Wandelen met af en toe een winst of verlies in hoogte.
  • Easy Hiking: de gemakkelijkste manier van klimmen.
  • Egyptian: Bepaalde manier van het houden van de benen en armen, zoals afgebeeld op Egyptische hiërogliefen.